Pasen
Op deze paasmorgen zien we een tuin vol witte bloemen. 
We mogen deelgenoot worden van de kracht van de Opgestane Heer. 
Zijn Licht en Liefde, zijn opstandingskracht, mag onze kracht worden.

Op deze vijfde zondag van de veertigdagentijd is de kleur paars en horen we van Ezechiël over het visioen van de dorre doodsbeenderen, waarin hij ziet dat God wat dor en dood is, weer tot leven roept.
 
Johannes verteld over Lazarus die door Jezus´ hand opstaat ten leven.
 
Tussen de bloemen in de schikking zien we takken die ook dood leken, maar nu weer uitlopen.
 
Gods Geest blaast leven in wat dor en dood lijkt. 

Het is vandaag de vierde zondag in de veertigdagentijd. 
In de lezing uit Samuel gaat het om het zien met het hart en niet om het uiterlijk. 
 
Het licht van Pasen schijnt door het donker heen en dat zien we aan de roze kleur. 
De ronde gevlochten vorm rond de bloemen geeft onze vooroordelen weer die ons het zicht kunnen ontnemen. 
 
In Johannes 9 opent Jezus ogen om te kunnen zien.

Derde zondag van de veertigdagentijd
Op deze derde zondag horen we alles over een Samaritaanse vrouw bij de Jacobsbron. In haar ontmoeting met Jezus vindt zij het levende water.
In de schikking zien we het water waaruit het groen van het doorgaande leven opkomt. De kronkelende takken vertellen over leven dat niet recht verloopt. De zeven rozen staan voor de volheid van de liefde die Jezus geeft. Nieuw leven dat vrucht geeft.

Op de tweede zondag van de veertigdagentijd zijn er ontmoetingen op de berg. Mozes ontvangt er de 10 leefregels. Mattheüs vertelt  hoe Jezus op de berg met drie van zijn leerlingen Mozes en Elia ontmoet. Het zijn bijzondere ervaringen  die  iets zeggen over een ontmoeting met het goddelijke, het overstijgt het dagelijkse gebeuren. Kracht wordt ontleend aan de ervaringen op de berg.
In de schikking zien we de witte amaryllis als beeld daarvan. De paarse bloemen staan voor bezinning. Wat er gezien is op de berg is niet vast te houden maar wel mee te nemen in het denken en doen.

kerkelijkjaar

Om de verschillende perioden in het kerkelijk jaar aan te geven wordt gebruik gemaakt van kleuren.  De antependia, die over de avondmaals- of liturgietafel en over de lezenaar van de kansel hangen geven de periode weer. Er worden in het kerkelijk jaar vier kleuren gebruikt: paars, wit, groen en rood.